Locatie Rabozaal
Datum za 25 apr'20
Zaal open 20:30
Aanvang 21:00
Genre Overige
Tickets:
Voorverkoop € 4.00
Deurverkoop € 4.00
VrienT van T € 0.00
Prijzen zijn inclusief servicekosten en garderobe

De finale van T-Strijd 2020 wordt vanwege het coronavirus verplaatst naar een nieuwe datum. Deze volgt spoedig.

De finale van T-Strijd 2020 op zaterdag 25 april! 5 bands gaan strijden voor de winst. Een kaartje voor de T-Strijd finale kost slechts € 4,00 incl. servicekosten en garderobe.

Urban Graveyard

Urban Graveyard is een stevige metalvariant op de stonerrock scene. Open het dak van je convertible en trap maar flink op het gaspedaal, want deze desertmetal laat je trommelvliezen klapperen.

Everyday Robots

Everyday Robots maakt alternatieve rock die doet denken aan de ritmische robotriffs van Queens Of The Stone Age, gemixt met de hoekige melodieën van Franz Ferdinand, volgespoten met de rock-’n-roll-energie van Royal Republic. In april brachten zij hun tweede EP ‘V-190’ uit in eigen beheer. Op deze EP heeft de band meer ingespeeld op hun energieke en kenmerkende live optredens.

Blue Viola (BE)

Blue Viola wil sferen creëren en verhalen vertellen. Verhalen over verleiding en het toegeven eraan. Over erotische waanbeelden, obscene dromen en nachtmerries. Over de adoratie van zowel de Muze als de Femme Fatale. Verteld door dreigende, repetitieve drums en baslijnen, flirterige synths en een nerveus gitaar- en pianospel. Opgezweept door de meeslepende, opdringerige zang van Evert Vanheertum. Denk Nick Cave & the Bad Seeds, Serge Gainsbourg, Tom Waits, Lee Hazelwood…

LÖNA

LÖNA bestaat uit eeneiige tweelingzussen Madelon en Danielle die liefde voor donkere popmuziek delen. Na al jaren samen in bands te hebben gespeeld, bracht een gezamenlijke trip langs de vulkanen en geisers van IJsland, de nieuwe naam en sound als gevolg. IJzige synthgeluiden stromen als een rode draad door de muziek, aangevuld met wijds galmende gitaren. Het duo laat zich dan ook inspireren door Noordelijke acts zoals Björk en Vök, en popartiest Tove Lo.