Artiesten verhaal

Artiesten verhaal van Dressed Like Boys (Jelle Denturck)

23 november 2025

In de rubriek ‘Artiesten verhaal’ komen achtergrondverhalen aanbod van artiesten die binnenkort te zien zijn in Gebouw-T. Hoe schrijven ze hun nummers of waar halen ze inspiratie uit? Deze keer duiken we de diepte in met Dressed Like Boys, het intieme soloproject van Jelle Denturck, frontman van decibelmakers DIRK. Na jarenlang met veel herrie de Nederlandse en Belgische zalen te hebben platgespeeld, kiest Denturck nu voor een andere weg: kleiner, eerlijker, zachter. Maar wie is Jelle Denturck eigenlijk, en hoe ontstond Dressed Like Boys?

Een zoektocht naar zichzelf

Het verhaal begint op een moment waarop Denturck het gevoel had vast te zitten in zijn leven. Grote vragen doken op. “Waarom ben ik hier eigenlijk?” vroeg hij zich af. Als voormalig student filosofie, volgens eigen zeggen “mátig student, ik was meer bezig met pintjes en vrienden”, zocht hij antwoorden in boeken en bij klassieke denkers. Maar juist die zoektocht opende zijn ogen: niet de vraag waarom hij bestaat was belangrijk, maar het besef dát hij bestaat. “Er mogen zijn is een mirakel en dat elke dag ten volle beseffen is magisch.”

In dezelfde periode borrelde er nieuwe muziek naar boven. Denturck ontdekte een muzikaal aspect van zichzelf dat tot dan toe verborgen bleef. Ironisch genoeg kennen de meeste mensen hem van DIRK., maar volgens hem is dat net het uitstapje. “Dressed Like Boys is de muziek die het dichtst bij mezelf ligt.”

De geboorte van Dressed Like Boys

Het soloproject werd voor Denturck een vorm van zelfonderzoek. Hij wilde songs schrijven die volledig van hem zijn, niet uit ego, maar uit noodzaak. De zoektocht naar zijn persoonlijke vrijheid, zijn geaardheid, zijn relaties, zijn vrienden en zelfs zijn pijn vonden allemaal een plek in deze nieuwe muziek.

Dressed Like Boys werd zijn creatieve bevrijding. Hij nam de tijd om steeds weer die ene perfecte melodie te vinden. Pas als alles goed zat in zijn hoofd, raakte hij een instrument aan. Artiesten als Bowie, Lennon, Nina Simone, Sufjan Stevens en Tobias Jesso Jr. vormden zijn kompas, makers van tijdloze songs waarvan je het gevoel hebt dat ze altijd al hebben bestaan.

Het resultaat: een titelloos debuutalbum, geproduceerd door Tobie Speleman (o.a. The Haunted Youth, Calicos, Isolde Lasoen), dat verscheen op 29 augustus.

Diep persoonlijk en ongefilterd

De nummers op het album zijn fragiel, eerlijk en soms pijnlijk. In Healing, Pinnacles en Gregor Samsa zingt Denturck over de liefde en verstikking van zijn geboortedorp Ingelmunster, een plek die warm voelt maar soms als een gouden kooi.

Ook de dood van zijn moeder, zeven jaar geleden, sijpelt door in zijn werk. Pas veel later besefte hij hoe diep hij toen gezeten had. “Ik ben het type mens dat altijd pas achteraf door heeft hoe diep hij gezeten heeft.”

Een ander centraal thema is zijn homoseksualiteit, die hij eindelijk volledig omarmt. “Ik ben uit de kast gekomen en er een tijdje weer in gekropen. Jezelf aanvaarden is één ding, beseffen dat je de aanvaarding van de wereld niet nodig hebt nog wat anders.”

Het nummer Pride is een van de meest intense songs. Het gaat over het moment waarop hij en zijn vriend fysiek werden belaagd en hoe ze daar elk totaal anders op reageerden. Andere nummers grijpen terug naar queer history: Stonewall Riots Forever (waar ook de naam Dressed Like Boys vandaan komt), Agony Street over de tumultueuze relatie tussen Rimbaud en Verlaine, en Jaouad, een ode aan queer icoon Jaouad Alloul.

Hoewel hij zichzelf geen activist noemt, wil hij met zijn muziek wel graag bijdragen aan de queer struggle. “Ik zie mezelf in de eerste plaats als muzikant. Ik wil dingen maken, mooie dingen maken. Dat is mijn levensdoel.”

Een unieke sound, recht uit het hart

De sound van Dressed Like Boys is een warme knipoog naar de jaren ’70, de platenkast die Denturck al zijn hele leven koestert. Met taperecorders, strijkers, Wurlitzers, Rhodes en zelfs koekendozen drumsounds wist hij een unieke wereld te creëren. Als kind leerde hij piano spelen, en dat instrument vormt opnieuw het kloppende hart van zijn muziek.

Het opnameproces was even authentiek als de songs. Het label vond zijn rauwe demo’s zelfs sterker dan de opnames in een professionele studio. Dus besloot hij opnieuw te beginnen: songs werden opnieuw opgebouwd, piano’s werden door heel het land gezocht op klankkleur, Our Part Of Town werd opgenomen op zijn iPhone tijdens een wandeling door Ingelmunster, met vogels op de achtergrond, en een snaredrum werd vastgelegd met een koptelefoon in plaats van een microfoon.

Het plezier groeide met elke verrassende opnamekeuze, en Denturck is trotser dan ooit. “Nu mag heel de wereld zeggen: dude, dat is de meest shitty plaat die ik gehoord heb. Ik ben blij, ik ben content.”

Een nieuw hoofdstuk

Met Dressed Like Boys draait hij de volumeknop even naar links. Geen herrie, geen banddemocratie, geen maskers. Enkel Jelle Denturck, zijn stem, zijn ziel, zijn verhalen, ongefilterd en zonder schroom.

Op 7 mei staat hij live in Gebouw-T. Wat hij precies gaat brengen blijft nog een beetje in mysterie gehuld, maar één ding is zeker: Dressed Like Boys wordt een intieme avond waarin Denturck zijn wereld openlegt voor het publiek.

Tickets